Wat is er aan de hand
 
Waar is vraag naar
 
Kan dat allemaal zomaar
 
Omvang vraag/aanbod
 
Samenwerken
 
Wie trekt de kar
 
Wie zal dat betalen
 
Resultaat en wanneer
 
Er zijn al bouwstenen
 
Wat als het niet lukt
 
Toeristisch gebieds-ontwikkelingsplan en laaghangend fruit
 
Hapbare brokken
 
Eerste slag en stip op de horizon
 
 

 

Recreatie en Toerisme uit verkiezingsprogramma 2014 - 2018

Wat is er aan de hand?

DorpsBelangen vindt dat in de sector recreatie en toerisme veel meer mogelijk is dan wat nu plaatsvindt. DorpsBelangen wil de sector nieuw leven inblazen (we noemen dat hierna revitaliseren). Dat zal niet vanzelf gaan. Er zijn drie oorzaken voor de stagnatie aan te wijzen:

- het aantal betrokken (semi-)overheden (provincies, schappen, gemeenten en ga zo maar door)  
Hoe zit het met natuur, cultuur en milieu?
In dit programmaonderdeel gaat het over recreatie en toerisme. DorpsBelangen vindt de betrokkenheid van de natuur en cultuur(historie) daarbij een gegeven.
Door de aard en geschiedenis van het gebied zijn natuur en cultuur nauw verbonden met recreatie en toerisme. Natuur- en cultuur-beleving zijn onderdeel van vraag en aanbod op recreatief en toeristisch gebied.
Ook bij het ontwikkelen van nieuw recreatief/toeristisch aanbod staan milieu en duurzaamheid hoog in het vaandel.
- het op zich staan of niet op elkaar aansluiten van de verschillende visies, initiatieven en plannen  
- een gebrek aan geld, doordat onduidelijk is wat je maatschappelijk aan het revitaliseren van de sector hebt en of je er geld mee kunt verdienen.  


DorpsBelangen gaat dat aanpakken en start met een verkenning. Waar is vraag naar? Kan dat allemaal zomaar? Wat zijn de kosten en de baten? Wat zijn de resultaten? Hoe pak je het aan?

Waar is vraag naar?

Allereerst naar het wegnemen van de oorzaken van de stagnatie. Dat wordt door iedereen onderkend, want er zijn regelmatig visies en plannen om er wat aan te doen. Vaak geven die aan dat we het 'zo en zo' moeten aanpakken. En daarna nodigen partijen elkaar over en weer uit het voortouw te nemen. Al snel gaat het weer over hoe het zou moeten worden aangepakt. Soms ook wordt een plan gemaakt. Maar is dat dan ook de vraag van de recreant, de toerist en de natuurliefhebber? Nee, die komen niet voor visies en plannen of voor 'zo en zo'. Die komen voor een operationeel, aantrekkelijk, actueel recreatief of toeristisch aanbod. 'Ik kom zeker nog een keer.' Enthousiaste verhalen. Hoort zegt 't voort. Het moet een 'beleving' zijn! Is dat marketingtaal? Jazeker en het is ook, nuchter gesteld, wat de gerevitaliseerde sector moet gaan bieden.

Kan dat allemaal zomaar?

Wat DorpsBelangen betreft, is het ontstaan van een aantrekkelijk aanbod afhankelijk van:

- Samenhangende recreatief/toeristische mogelijkheden van voldoende omvang.  
- Het openstaan voor ideeën van anderen en eventueel ook het loslaten van eigen ideeën.  
- Duidelijkheid. Wie doet wat. Wat zijn de resultaten. Wanneer zijn die er. Wie trekt de kar.  
- Positieve maatschappelijke en financiële verdienmogelijkheden.  


Omvang van vraag en aanbod

Qua omvang zijn de Vecht en Vechtstreek met het geheel van plassen, natuurgebieden en cultuurhistorie voldoende groot en veelzijdig. Ruwweg het gebied dat Stichtse Vecht, Wijdemeren, Weesp en Muiden omvat. Het gaat dan om 'Toeristische Gebiedsontwikkeling Vecht en Plassen'. De recreatief/toeristische vraag (de basis voor de benodigde investeringen) volgt uit de ligging van het Vechtplassengebied, te midden van de grote agglomeraties Amsterdam/Schiphol/Haarlem en Almere/Utrecht/Amersfoort. Zowel de inwoners van die steden als (buitenlandse) toeristen komen voor dagtrips of meerdaagse arrangementen naar de Vecht en plassen.
DorpsBelangen gaat ervan uit dat het, met de rijkdom aan actieve deelnemers in de diverse sectoren, moet lukken om ruim voldoende recreatief/toeristische mogelijkheden te definiëren. Bereikbaarheid is essentieel. Een rol daarbij spelen openbaar vervoer, parkeer- en verblijfsvoorzieningen en ook toegankelijkheid. Het laatste onder andere door sluis- en brugtijden en een staande mastroute.

Samenwerken

Belangrijk is dat de deelnemers uit de sectoren, de overheid en de overige belanghebbende partijen samenwerken. Dat samenwerken, zo stelt DorpsBelangen, kan niet vrijblijvend zijn. Alleen al de structurele opgaven die voorliggen (denk aan het baggeren, de cabombaplaag, de doorvaarten, de ontsluitingen en de beschoeiingen) vragen om een langjarige aanpak. Ook maakt de combinatie van water, natuur, cultuur en historie veel uniek belevings- en avontuurlijk aanbod mogelijk. Of dat aanbod er komt, wordt onder andere bepaald door de bereidheid tot langdurig duurzaam samenwerken.  
Bij de toeristische ontwikkelactiviteit Vecht & Plassen zijn de belanghebbende partijen o.a.:
 Recreanten en toeristen (organisaties)
 Ondernemers recreatie en toerisme
 Beheerders natuur- en cultuur
 Marketing-/communicatiespecialisten
 Gemeenten en provincies
 Financiers
 Ontwerpers en Aannemers
 Om- en aanwonende burgers

 

Wie trekt de kar?

DorpsBelangen vindt dat Wijdemeren het voortouw moet nemen om de belanghebbende partijen bij elkaar te brengen. Zij moeten tot overeenstemming komen over de vraag waarop gaat worden ingespeeld en wat het toeristisch aanbod moet zijn dat daarop is gebaseerd. Deze aanpak wordt 'vraaggestuurd ontwikkelen' genoemd. Dat wordt een succes als het initiatief van Wijdemeren resulteert in een 'GebiedsOntwikkelingsAutoriteit' die het roer echt in handen heeft. Een Autoriteit met gezag die de doelstelling bewaakt, de koers uitzet, slagvaardig is, wars van poespas en financieel bevoegd. Alle belanghebbende partijen (h)erkennen en vertrouwen deze Autoriteit.

Wie zal dat betalen?

Met zicht op vraag en aanbod op toeristisch gebied wordt een maatschappelijk en financieel verdienmodel ontwikkeld. Maar ja, hoe financier je dat? DorpsBelangen zegt: door een ontwikkelingsperspectief te bieden dat op de toeristische vraag is afgestemd. En door vanaf het begin samenwerking tussen vraag, aanbod en aansturing te organiseren. Maar ook dat gaat niet voor niets.
Er zijn twee activiteiten die inzet en geld vragen:

- Het met alle belanghebbende partijen tot overeenstemming komen over vraag en aanbod. Dat kost vooral menskracht van de belanghebbende partijen die meedoen.  
Verdienmodel, hoe bedoelt u?
Onder maatschappelijk verdienmodel wordt verstaan: de verwachte effecten die de revitalisering zal hebben op onder andere werk-gelegenheid en leefbaarheid.
Het financieel verdienmodel geeft in grote lijnen aan wat moet worden geïnvesteerd en wat de operationele uitgaven en inkomsten zullen zijn.
Een positief verdienmodel is voorwaarde voor de financiering van het vervolg.
- Het tot stand brengen van het verdienmodel. Dit is specialistenwerk. De provincies wordt verzocht geld beschikbaar te stellen voor deze gemeentegrens overschrijdende toeristische gebiedsontwikkeling.


Wat is het eerste resultaat en wanneer komt dat?

Het resultaat dat DorpsBelangen met het voorgaande wil bereiken, is een besluit met handen en voeten over de toekomst van de sector recreatie en toerisme in het Vecht en Plassengebied. De belanghebbende partijen weten wat ze willen en wat ze kunnen krijgen. In grote lijnen is duidelijk wat dat kost en oplevert. Voor de toerist is er het perspectief op een unieke toeristische beleving. Het is aan de sector (publiek en privaat) om dat waar te maken. DorpsBelangen gaat uit van een start van het belanghebbende partijenoverleg tweede kwartaal 2014. Overeenstemming over vraag en aanbod en het verdienmodel moet in het vierde kwartaal 2014 voorhanden kunnen zijn. Daarmee is de verkenning afgerond. Tijdens de verkenning moet vertrouwen ontstaan. Dat is de basis om samen te ontwerpen, te bouwen, te investeren en te exploiteren.

Maar er zijn toch al bouwstenen?

Jazeker. Bijvoorbeeld in Wijdemeren: de Structuurvisie, het Wensbeeld 'Vaart in de Vaart', het Platform Recreatie en Toerisme Wijdemeren, het Visiestuk 'De Kern van Wijdemeren' en het plan voor de 'Nieuwe Vecht'. En in de andere Vecht-gemeenten: de Koningsroute, het Buiten van de Randstad en de Hollandse Waterlinie. Enzovoort. Er is veel. Wat ontbreekt, is een overkoepelende publiek-private visie en sturing (Vecht en Plassen-breed) en geld.

En wat als het niet lukt?

DorpsBelangen heeft veel vertrouwen in de geschetste aanpak, maar geen kristallen bol. De uitkomst van de Verkenning kan echter ook zijn dat er géén perspectief is. De gemaakte kosten en inspanningen zijn dan tevergeefs geweest. Tegelijk is dan voorkomen dat activiteiten met onvoldoende slagingskans worden gestart. DorpsBelangen zet niet in op luchtkastelen.
Toeristisch Gebiedsontwikkelingsplan en laaghangend fruit
Op de Verkenning met een positieve uitkomst volgt een Toeristisch Gebiedsontwikkelingsplan. Dit werkt de toeristische perspectieven uit die tijdens de Verkenning als aanbod zijn omschreven (wat komt wanneer, waar en wat kun je er doen of beleven). Daarbij gaat het om zowel langetermijn-ontwikkelingen als om kansen die direct uitvoerbaar zijn (laaghangend fruit). Er wordt nu een ontwikkelingsplan opgesteld. DorpsBelangen gaat uit van publiek-private samenwerking (ook wel PPS geheten). De financiering van zowel de korte- als de langetermijnontwikkelingen speelt nu een belangrijke rol. Daarbij dient ook een mogelijke bijdrage vanuit de Europese en Rijkssubsidies te worden bekeken. Voorbeeld: de EU 'Leader funding' gericht op plattelandsontwikkelingsprojecten. De provincie Noord-Holland is daarin actief. Een ander voorbeeld is het 'Friese model'. Nagegaan dient te worden of dit soort financieringsopties (deels) toepasbaar is.

Toeristisch Gebiedsontwikkelingsplan en laaghangend fruit

Op de Verkenning met een positieve uitkomst volgt een Toeristisch Gebiedsontwikkelingsplan. Dit werkt de toeristische perspectieven uit die tijdens de Verkenning als aanbod zijn omschreven (wat komt wanneer, waar en wat kun je er doen of beleven). Daarbij gaat het om zowel langetermijn-ontwikkelingen als om kansen die direct uitvoerbaar zijn (laaghangend fruit). Er wordt nu een ontwikkelingsplan opgesteld. DorpsBelangen gaat uit van publiek-private samenwerking (ook wel PPS geheten). De financiering van zowel de korte- als de langetermijnontwikkelingen speelt nu een belangrijke rol. Daarbij dient ook een mogelijke bijdrage vanuit de Europese en Rijkssubsidies te worden bekeken. Voorbeeld: de EU 'Leader funding' gericht op plattelandsontwikkelingsprojecten. De provincie Noord-Holland is daarin actief. Een ander voorbeeld is het 'Friese model'. Nagegaan dient te worden of dit soort financieringsopties (deels) toepasbaar is.  
Het Friese model …. model waarvan?
Het Friese model gaat over de wijze waarop de sanering van Friese recreatievaarwegen is betaald. De Provincie heeft daar het hele infrastructurele deel en de aanleg van basisvoorzieningen voor haar rekening genomen. Voorwaarde daarvoor was dat de ondernemers en gemeenten daarna het geheel langdurig in goede staat zouden houden.

 

Hapbare brokken

Gestreefd wordt naar een ontwikkelingsplan dat bestaat uit concrete projecten met een overzichtelijke looptijd (maanden tot maximaal een paar jaar). Elk project moet op zich staand een behoorlijke slaagkans hebben. Essentieel is het per project vormen van een groep van projectpartners die het plan van idee via ontwerp, bouw en financiering tot oplevering en exploitatie brengen. De zoektocht naar deze partners is al tijdens de Verkenning begonnen

DorpsBelangen vindt dat deze partners bij voorkeur ook als belanghebbende partij bij de Verkenning moeten zijn betrokken en daar hun inbreng moeten hebben gehad. Op die wijze wordt het vertrouwen opgebouwd dat cruciaal is voor het welslagen van de projecten en van het geheel.

De eerste slag en een stip op de horizon

Het eerste toeristisch ontwikkelingsplan moet niet proberen de eeuwigheid in kaart te brengen. DorpsBelangen vindt, na de Verkenning in 2014, een looptijd van drie jaar (2015 t/m 2017) een overzichtelijke duur om mee te starten. Een 'eerste slag'. Niet toevallig lopen de Verkenning plus de eerste slag gelijk op met de gemeentelijke bestuursperiode 2014/2018. Als het toeristisch ontwikkelingsplan op enig moment goed van de grond komt, is het tijd om verder te denken. Inmiddels is dan ervaring opgedaan in de samenwerking op project- en gebiedsniveau. Tijd om, de ervaring mede in ogenschouw nemend, te verkennen of het zinnig is om aan een stip of stippen op de horizon te gaan denken. Inderdaad Verkenning 2.0. Het zal dan inmiddels 2016 of 2017 zijn. Nu eerst aan het werk! DorpsBelangen kijkt uit naar de hiervoor geschetste samenwerking.